Subforum Andere praat


 forum.indonesiepagina.nl 
83 bezoekers





Startpagina
Je bent nu in > Forum > Andere praat > Bekijk onderwerp

18-01-2015 01:48 · [nieuws] Politieagent Indonesië gepakt met xtc-pillen  (0 reacties)
18-01-2015 01:32 · [nieuws] Nederlander Ang Kiem Soei geëxecuteerd in Indonesië  (3 reacties)
17-01-2015 01:27 · [nieuws] Brandstofprijzen opnieuw flink verlaagd  (0 reacties)
16-01-2015 02:13 · Indonesië gaat veroordeelde Nederlander executeren  (160 reacties)
05-08-2014 23:16 · [nieuws] Jakarta wil parkeermeters gaan plaatsen  (0 reacties)

nieuw onderwerp | reageer | nieuwste onderwerpen | actieve onderwerpen | inloggen
Albert
Gebruiker
User icon of Albert
spacer line
 

Het NEE van 2005.

Sinds juni 2005 is het over het geheel genomen stil geweest rond de Europese Grondwet in Nederland. De regering heeft sinds het overduidelijke NEE van de bevolking tegen die wet, de tijd willen nemen om het geheel te laten bezinken. Het is natuurlijk de vraag wie daarbij wat moest laten bezinken en vooral hoe. Achter de Europese politieke schermen is men echter ijverig verder gegaan op de ingeslagen weg om de Grondwet toch doorgevoerd te krijgen. Er werden conferenties gehouden zonder Nederland en Frankrijk, om daarmee de uitzonderingsposities van die landen te benadrukken en hen het gevoel te geven dat zij zichzelf zouden buitensluiten als de bevolkingen zouden volharden in hun tegenstem. Duitsland, althans de politieke vertegenwoordiging aldaar, is als één van de grotere landen voor de Grondwet. Angela Merckel doet er momenteel alles aan om tijdens haar voorzitterschap van de EU het proces van invoering van de wet doorgang te laten vinden. Zij heeft daartoe op 21 juni a.s. een Europese topconferentie belegd, waar het Europa van de toekomst aan bod zal komen.

En in de tussentijd in Nederland

Als onderdeel van de bezinkingsperiode ontstond bij de Nederlandse regering de behoefte aan een wetenschappelijk advies betreffende de beste strategie om de Nederlandse bevolking meer bij het politieke Europa te betrekken. Zij legde daarvoor een vraag voor aan haar eigen onafhankelijke wetenschappelijk adviesorgaan, de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR), die daar onderzoek naar mocht doen en haar bevindingen in een rapport weer mocht geven. Op 5 juni j.l. presenteerde die Raad haar onderzoeksrapport ‘Europa in Nederland’. Het rapport is via de website van de WRR. wrr.nl gratis te downloaden. In het NOS-journaal werd uitgebreid verslag gedaan van de presentatie. Door de nieuwslezer werd gezegd dat de Raad geadviseerd had om geen nieuw referendum te organiseren, daar dat toch alleen maar proteststemmen zou opleveren, waar de regering vervolgens niets mee zou kunnen. Het leek de Raad beter om, geheel volgens de waan van de dag, een preferendum te gaan houden. Dit zou de bevolking de mogelijkheid bieden om door meerkeuzevragen te beantwoorden, vooraf een bijdrage te leveren aan een zo optimaal mogelijke Grondwet. Een referendum is altijd een achteraf raadpleging van het volk. Dus de Raad heeft een mooie wortel bedacht om ons voor te houden en mee lekker te maken. Maar lusten wij die wortel wel?

Tja, het is nogal een uitspraak van die Raad om te zeggen dat proteststemmen niets opleveren waar de regering mee verder kan. Die uitspraak doet me vertwijfeld afvragen wat nu ook alweer de essentie is van een democratische samenleving. Daarbij kom ik voor mijzelf tot de conclusie dat die essentie er uit bestaat dat mensen op een gelijkwaardig niveau kunnen meebeslissen over zaken die direct hun eigen leven aangaan. Ik hoop dat je jezelf als lezer hier enigszins in kunt vinden. Mocht dat niet zo zijn, dan kun je de rest van dit verhaal misschien maar beter laten voor wat het is. Want ik ben in de rest van dit verhaal wel van plan die essentie als uitgangspunt te nemen om te kunnen beoordelen of wij wel echt in een democratisch land leven en of het Europa dat men ons op wil dringen wel zo democratisch is. Bij voorbaat zal ik maar zeggen dat dit verhaal hier en daar misschien de wetenschappelijke toets der kritiek kan doorstaan, maar over het geheel genomen meer mijn belevingswaarde vertegenwoordigt. Dat heeft alles te maken met het feit, dat ik de wetenschap niet als de basis voor mijn leven zie. Als ik dat wel zou doen, ben ik bang dat mijn leven erg dor en doods zal worden. Ik hou van dynamiek, levendigheid, creativiteit vanuit het moment, vooral dus van authenciteit. Ik ben er een groot voorstander van dat ieder maar zichzelf moet zijn, want er zijn al zoveel anderen. Niet iedereen is nu eenmaal een wetenschapper. En het is ook maar zeer de vraag of iedereen dat wel wil zijn. Daarmee wil ik maar zeggen dat een wetenschappelijke benadering van de werkelijkheid niet door iedereen zal worden omarmd.

De voorzitter van de WRR.

Maar goed, in de politiek werkt dat dus anders. Daar is men zeer geïnteresseerd in wat de deskundige wetenschappers te vertellen hebben en hecht men daar veel waarde aan. Na de presentatie van het WRR-rapport mocht de voorzitter van de Raad Prof. Dr. van de Donk voor de camera de conclusies uit het rapport toelichten. Via de website van de WRR is ook een samenvatting te downloaden. Daarin trof ik de volgende bevindingen aan ten aanzien van het waarom van het NEE dat meer dan 60% van de Nederlandse bevolking in 2005 zo luid en duidelijk uitsprak.

“De afwijzing van het Europees Grondwettelijk Verdrag door de Nederlandse bevolking in het referendum van 2005 was volgens velen de uitdrukking van een dieper liggend Nederlands onbehagen met de Europese integratie en van een diepe kloof tussen de burgers en het EU-beleid van de politieke en bureaucratische elites.”

Een juiste constatering lijkt mij. Maar wat zei de heer van de Donk in het journaal over de achtergrond van dat NEE?

“Wat heeft de burger in juni 2005 nu precies gezegd? Ja, hij was tegen wat? Vaak was hij tegen de euro, of Balkenende of tegen Turkije. En vaak helemaal niet tegen de Grondwet.”

Mijn vraag daarbij is echter op welke bewijzen de heer van de Donk deze zogenaamde wetenschappelijke constateringen heeft gebaseerd en of dit niet een conclusie is die de beleidsmakers in dit geval het beste uitkomt. Ben jij bijvoorbeeld gevraagd naar wat je er van vindt? Kijken we naar de uitspraken van sommige politici in de afgelopen tijd, die daarmee een voorschot namen op de publicatie van het WRR-rapport, dan wordt duidelijk dat er hun alles aan gelegen is om de burgers te doordringen van de noodzaak van die Grondwet. Een aantal van die uitspraken waren regelrechte indoctrinatie en bangmakerij. Men probeerde een angst te kweken voor een geïsoleerde positie van Nederland binnen Europa, wanneer wij die Grondwet niet alsnog zullen accepteren. Ook Balkenende liet herhaaldelijk overduidelijk weten geen nieuw referendum te willen. Balkenende is als christen-schijndemocraat sowieso tegen welk soort referendum dan ook. Want daarmee zou de Nederlandse bevolking wel eens juist die eigen verantwoordelijkheid kunnen nemen, waarvan de politiek de afgelopen jaren heeft rondgebazuind dát zij die zou moeten nemen. Hieruit blijkt dus dat wij alleen verantwoordelijkheid voor onszelf mogen nemen als het de politiek uitkomt en op een manier die haar uitkomt. Vooral niet te veel dus. Wij moet tenslotte wel beheersbaar blijven. Stel je voor dat iedereen ineens zomaar over zijn eigen leven zou gaan beslissen.

De hetze tegen het referendum als middel om de mening van de bevolking te horen kreeg op 6 juni een nieuwe impuls toen in Arnhem een preferendum over het havenproject aldaar hopeloos mislukte door een minimale opkomst. Natuurlijk waren de landelijke politici er als de kippen bij om dit gegeven in hun eigen voordeel uit te leggen. Zo kakelde de christen-schijndemocraat Piet Hein Donner de uitspraak, dat burgers helemaal geen trek hebben in het dagelijks actief te worden betrokken bij de besluitvorming. (bron: redactioneel commentaar Trouw 08-06-’07) Hij ziet wat hij wil zien en in dit geval is zijn uitspraak meer een wishful thinking dan een realiteit.

Wat is de WRR?

Naar aanleiding van hun rapport ben ik mij eens gaan verdiepen in de achtergrond van de WRR. Deze Raad benadrukt namelijk dat zij onafhankelijk is in haar onderzoek en advisering. Maar is dat ook wel zo? Neem nu bijvoorbeeld het feit dat die Raad organisatorisch valt onder het Ministerie van Algemene Zaken, waar de minister-president het hoofd van is. Ja, je leest het goed. Het maakt dus min of meer deel uit van het regeringscircuit. Deze Raad is bij Koninklijk Besluit op 30 juni 1976 ingesteld door koningin Juliana. De leden van de Raad worden op voordracht van de minister-president door de koningin benoemd. De huidige Raad bestaat uit acht leden. Allemaal dragen ze de titel professor doctor. Het zijn allemaal wetenschappers die op de één of andere manier hun sporen hebben verdiend in de wetenschappelijke wereld en op grond daarvan zijn benoemd. Gezien hun titels zullen ze het werken voor de Raad ongetwijfeld tegen vorstelijke vergoedingen doen. Maar ja, ze zijn dan ook door de koningin benoemd. Het is daarbij totaal onduidelijk hoe deze Raad gefinancierd wordt. Op hun website kon ik op geen enkele manier een financieel jaarverslag boven water krijgen. Ze geven op die site veel informatie over wie ze zijn, wat ze doen, hoe ze dat doen en hoe ze hun zaakjes publiceren, maar ze geven geen enkel inzicht over hoe en door wie ze worden gefinancierd. Dat vind ik toch opmerkelijk voor een orgaan dat zegt het algemeen belang te dienen. Ook via google viel er geen enkele informatie op te vragen over die financiële achtergrond van de WRR. Mogen we er dan maar vanuit gaan dat ze uit de algemene middelen, dus van onze belastingcenten worden betaald? Dus in feite door de Staat. Dit zou op zich natuurlijk helemaal niet zo erg zijn als de Raad met haar waarschijnlijk geldverslindende onderzoeken en officiële presentatiefeestjes ook werkelijk het algemeen belang zou dienen.

Taak van de WRR.

Zelf zegt zij hierover:

“De WRR geeft de regering gevraagd en ongevraagd advies over maatschappelijke vraagstukken die onderwerp zijn of kunnen worden van regeringsbeleid. In principe kan de Raad elk onderwerp waar de regering zich mee bezighoudt of mee bezig moet houden, bestuderen. De regering kan de Raad ook advies vragen over een onderwerp. Het is onder meer de taak van de Raad:


• nieuwe perspectieven en toekomstbestendige oplossingsrichtingen aan te dragen
• te wijzen op tegenstrijdigheden in het beleid
• toekomstige knelpunten te signaleren
• nieuwe problemen te onderkennen
• voorstellen te doen voor een geïntegreerde aanpak van problemen


Kenmerkend voor het werk van de raad is dat de vraagstukken vrijwel altijd meer beleidsterreinen omvatten (multisectoraal) en vanuit verschillende disciplines bekeken worden (multidisciplinair). Daarbij is de raad onafhankelijk. De WRR opereert los van politieke wensen en beleidslijnen en van wat de publieke opinie op een bepaald moment meent.”

Dit is natuurlijk allemaal erg interessant om te lezen. Maar is het nu wel echt zo geloofwaardig te denken, dat een club wetenschappers die door de regering wordt benoemd en voor hun broodwinning daar waarschijnlijk ook afhankelijk van is, werkelijk onafhankelijk zou kunnen zijn? Is dat niet erg naïef om te geloven? Net zo naïef als het is om te geloven, dat het goed is om de slager zijn eigen vlees te laten keuren, of de farmaceutische maffia haar eigen pillen te laten onderzoeken, of de medische wereld, de politie en politici hun eigen blunders.

Adviserende wetenschappers.

Naast de acht reguliere leden van de Raad heeft zij nog een aantal adviserende leden, die allen eveneens deel uit maken van een wetenschappelijk adviserend netwerk voor de regering. Zij zijn het Centraal Planbureau, dat ook al de nadruk legt op haar onafhankelijkheid, het Sociaal en Cultureel Planbureau, het Ruimtelijk Planbureau, het Milieu en Natuurplanbureau en het Centraal Bureau voor de Statistiek. Mijn gevoel, dat natuurlijk erg onwetenschappelijk is, zegt mij dat al die Planbureaus deel uitmaken van de propagandamachine van de overheid. Ze toveren met cijfers, plannen en wetenschappelijk onderbouwde modellen van hoe de samenleving er uit ziet, of erger nog, er uit zou moeten gaan zien. De wetenschap staat hierbij als uitgangspunt voor het sociale vormgeven van de samenleving op de voorgrond. Maar zijn wetenschappers eigenlijk wel in staat om over iets anders te praten dan meetbare, weegbare en anderszins kwantificeerbare gegevenheden? Zijn wetenschappers wel in staat om zich een beeld te vormen van sociale realiteiten? Zijn wetenschappers wel in staat om met hun op de oppervlakte gerichte blik de diepten van de mens en zijn ontwikkelingsbehoeften te zien? In mijn artikel ‘Normen en waarden…wat kunnen we er nog mee in het ik-tijdperk?’ heb ik aangegeven dat zij door hun rationeel-analytische uitgangspunten zich geen enkel beeld kunnen vormen van wat sociaal is, daar het sociale vooral een gevoelsmatige kwestie is. Het valt door een rationeel-analytische bril niet waar te nemen, of hooguit heel verwrongen.

Kennis is macht.

Binnen de politiek heerst de opvatting dat de Nederlandse samenleving omgetoverd moet worden in een kenniseconomie. Dit zou noodzakelijk zijn om mee te kunnen gaan in de economische vaart der volkeren. Binnen die politiek heerst ook de opvatting dat kennis gelijk staat aan macht. Aangezien de regering zich met name door wetenschappers laat adviseren kun je concluderen dat wetenschappelijke kennis macht geeft. Maar de vraag is dan wat men met die macht wil gaan doen. Uit sommige publicaties van de WRR zou je kunnen opmaken dat het zeker niet de bedoeling is om die macht aan de burger te geven.

Publicaties.

De WRR heeft in de loop der jaren vele publicaties in de wereld gebracht. Soms liepen ze vooruit op ontwikkelingen en leek het erop dat men met hun ideeënvorming en de publicatie er van die ontwikkelingen wilde sturen. Zo bracht de Raad in 2003 een rapport uit getiteld “Waarden , normen en de last van het gedrag”. Dit rapport is hier te lezen. Dit rapport werd opgesteld naar aanleiding van een adviesaanvraag door de regering in 2002. De Raad omschrijft die regeringsvraag als volgt:

“Het kabinet stelde daarin de vraag welke fundamentele waarden onze samenleving bindt en over welke waarden conflicten kunnen rijzen, mede in het licht gezien van culturele verschillen.”

Verderop wordt vervolgd met

“In het rapport wordt het belang van de problematiek onderschreven, maar wordt wel aangegeven dat een nadere structurering nodig is om tot een zinvol beleid te komen. De bijdrage die dit rapport wil leveren bestaat in de eerste plaats uit:

(a) een systematische analyse en structurering van de zeer diverse problematiek die schuilgaat onder de noemer ‘waarden en normen’;
(b) het afzonderlijk onder de aandacht brengen van de gedragscomponent van de waarden- en normenproblematiek; en
(c) het aanbrengen van een toekomstperspectief op de centrale en gemeenschappelijke waarden die van belang zullen zijn voor de samenleving als geheel in de komende tien tot twintig jaar.

De Raad meent dat de taak van de overheid bestaat uit het garanderen van de waarden van een open en democratische rechtsstaat, en het ondersteunen van de publieke moraal.Voor het overige is het in de eerste plaats de samenleving zelf die waarden vormt en onderhoudt.Veel instituties als scholen, media en maatschappelijke organisaties zijn werkplaatsen voor waarden, normen en gedrag. De overheid heeft daarbij wel de taak hen in die functie serieus te nemen en te stimuleren, en hen niet alleen ‘af te rekenen’ op zichtbare prestaties als het bereiken van een bepaald kennisniveau.”

Over deze mooi geformuleerde zinsneden valt heel veel te zeggen. Zoals bijvoorbeeld, dat mijns inziens de normen- en waardenproblematiek voor het belangrijkste deel voortkomt uit een te grote benadrukking van de intellectuele ontwikkeling bij kinderen. De vormgeving van het onderwijs door een allesbepalende overheid is sinds het ontstaan van de WRR mede door datzelfde adviesorgaan bepaald. Het is ook diezelfde WRR die de kenniseconomie propageert, waardoor binnen het onderwijs de emotionaliteit van kinderen verdort en wordt misvormd. Dus hoe wordt de samenleving zelf de ruimte gegeven om zelf haar normen en waarden te bepalen binnen de werkplaatsen van het onderwijs als die overheid, geruggesteund door de WRR, haar indoctrinerende handen niet van die werkplaatsen af kan houden?

De kenniseconomie is met name goed voor de economische giganten, die via het onderwijs hun onstilbare honger naar loonslaven meent te moeten bevredigen. Loonslaven die ingebed in het economische web van afhankelijkheid maandelijks hun sociale premies af moeten dragen, die vervolgens gerust volgens de ‘moraal’ van de pensioensfondsen in clusterbommen en landmijnen mogen worden belegd. Tja en als je als loonslaaf dan een beetje slimmer bent dan de rest en werkelijk genoeg kennis hebt vergaard, met name ten aanzien van de beste manier om tot een zo groot mogelijke zelfverrijking te komen, dan behoor je tot de happy few van de kleptocraten. Maar die mogelijkheid te kunnen benutten is voor de meeste onder ons eerder uitzondering dan regel. Welke norm of waarde legitimeert trouwens dat soort gedrag?

Publieke moraal.

De WRR heeft het in het bovenbeschreven citaat over de publieke moraal. In haar rapport gaat zij dieper in op wat zij daar mee bedoeld en hoe op verschillende manieren met name ook via het onderwijs die publieke moraal moet worden verstevigd, zodat kinderen opgevoed worden tot morele en verantwoorde burgers. Op zich worden daar in het rapport wel zinnige zaken over gezegd met betrekking tot verrijkende maatregelen die er genomen zouden kunnen (moeten) worden om de ontplooiing van kinderen zo breed mogelijk te laten zijn.
Het rapport maakt een onderscheid in een drietal functies van het onderwijs:

• primair (kennisoverdracht)
• secundaire (het instandhouden van de economische, sociale en morele voorwaarden)
• tertiaire taken (externe effecten voor andere instituties)

De overtuiging van de Raad met betrekking tot het belang van die verschillende functies is:

“Hoewel de bijdrage van de school voor de overdracht (van waarden en normen, AZ) vooral zit in de hieronder te bespreken secundaire en tertiaire taken van de scholen, zit die daarnaast ook in de gewone schoolvakken, waaronder met name ook in de gymnastiek en sport.”

Dit klinkt als een heel aannemelijk standpunt. Maar toch kan ik mijn gevoel van wantrouwen ten aanzien van deze wetenschappelijke analyses niet onderdrukken en ga er vanuit dat er vast nog ergens de kop van een addertje onder het gras vandaan zal komen. Speurend naar die adder onder dat gras kwam ik al verder lezend het volgende tegen:

“Het duidelijkste ligt die relatie traditioneel bij geschiedenis en bij maatschappijleer. Op de basisschool gaat het hierbij slechts om geschiedenis; naast uiteraard het goed leren beheersen van het Nederlands, al vanaf het eerste begin op school. Geschiedenis is belangrijk, omdat leerlingen erdoor vertrouwd worden gemaakt met historische oriëntaties en de ‘bronnen van onze beschaving’, waardoor zich bij hen ook een gevoel voor morele en culturele vraagstukken kan ontwikkelen. Een en ander draagt ook bij aan confrontaties en vergelijking met andere tijden en andere waarden, normen en instituties en stelt de veranderingen in de publieke moraal en van de positie van de burger (zijn rechten en plichten) tegenover de staat aan de orde. Het laat zien dat normen en instituties zijn voortgekomen uit maatschappelijke strijd tussen volken, standen en klassen, bijvoorbeeld als het gaat om de vrijheid van godsdienst, het eigendomsrecht en de vrijheid van meningsuiting. Geschiedenis biedt ook de mogelijkheid om de eigen publieke moraal in perspectief te zien en een gevoel te krijgen voor de plaats en identiteit van de Nederlandse en Europese geschiedenis.”


Hiermee heb ik de kop van de adder ontdekt, die zich hier laat herkennen in het feit dat het wel zeer afhankelijk is van welke geschiedkundige bril men krijgt aangemeten. Want is het vak geschiedenis niet bij uitstek de basis voor een geïndoctrineerd en dus eenzijdig beeld van die geschiedenis? Na een oorlog wordt immers de inhoud van de geschiedenisboeken bepaald door het referentiekader van de overwinnaars, die een al te kritische houding ten aanzien van hun eigen functioneren niet zullen stimuleren. Zie mijn artikel ‘Nieuwe Wereld Orde en WOII’. Ja, conditionering is heel subtiel en begint in feite al bij de paplepel. Daarom is zij ook zo moeilijk in het eigen denken te herkennen. Bij de door de Raad getrokken conclusie dat normen en instituties zijn voortgekomen uit een maatschappelijke strijd tussen volken, standen en klassen, komt bij mij meteen de vraag op naar welke normen wij nu dan aan het leren zijn, die voortkomen uit ‘de strijd tussen de volkeren’ van de NATO-landen en Israël enerzijds en Afghanistan, Irak, Iran, Syrië, Noord-Korea, Libië en Soedan en straks China anderzijds? Welke normen en instituties heeft de westerse wereld ontwikkeld op basis van ‘de strijd tussen de volkeren’ van de geallieerde landen en Duitsland, Italië en Japan na WOII? Mag ik daar een antwoord op geven? De normen die daaruit zijn voortgekomen en die wij met de onderwijspaplepel krijgen ingegoten zijn:

• dat de Staat altijd te vertrouwen is en dat zij het beste met ons voorheeft
• dat wij vooral gehoorzame burgers moeten zijn die alles slikken wat de Staat ons via de media toevertrouwd
• dat wij het er vooral mee eens moeten zijn dat wij hard moeten werken om te verdienen dat we in leven mogen blijven
• dat wij een groot deel van het geld dat wij met dat harde werken verdienen af moeten dragen aan de goedwillende Staat en de door haar bedachte instituties
• dat de Staat en die instituties mogen doen met dat geld wat zij willen, ook al kopen zij daar levensvernietigende wapens voor of beleggen ze het in de industrieën die deze wapens maken
• dat het zinloos is om te protesteren tegen de toenemende controle- en beheersdrang van de Staat, daar die Staat zoveel repressieve machtsmiddelen ter beschikking heeft

En welke instituties zijn dan voortgekomen uit de maatschappelijke strijd tussen standen en klassen? Het antwoord daarop is onder andere een door de overheid bepaald en vormgegeven onderwijs, sociale verzekeringsinstanties, pensioenfondsen, arbeidsbureaus, banken, belastingdienst, een parlementair circus en adviserende wetenschappelijke planbureaus. Al deze instituties zijn in feite door de Staat of groepen van particulieren die de Staat uitvonden bedacht. En waarom heeft de Staat dat allemaal bedacht? Juist ja, voor ons bestwil.

Input-output.

De WRR doet in haar rapport over waarden en normen voorstellen om de overdracht van die waarden en normen te bevorderen. Daarbij komt ze met het idee om op middelbare scholen het vak maatschappijleer op te tuigen, daar dit vak zich er bij uitstek toe leent voor die overdracht. In hetgeen de Raad daarover te melden heeft wordt al heel snel de rest van de al ontdekte adder tot aan zijn staart zichtbaar. Lees en huiver.

“Maar behalve dat dit vak meer nog dan andere vakken gevoed wordt door de invulling van de secundaire (het instandhouden van de economische, sociale en morele voorwaarden, AZ) en tertiaire taken (externe effecten voor andere instituties, AZ) van de school, geeft het zelf ook weer steun aan deze taken. Door de meer gedragswetenschappelijke invulling kan het accent in het vak maatschappijleer ook meer komen te liggen op burgerschapsvorming (civic education), zodat hiervoor ook geen nieuw vak behoeft te worden ingevoerd.
Vooral het curriculum civic education in het Verenigd Koninkrijk biedt wellicht aanknopingspunten, omdat de nadruk hier ligt op de gedragsregels van burgers in hun verschillende rollen, als consument, werknemer, lid van maatschappelijke organisaties en lid van de politieke gemeenschap en de openheid om met die verschillende rollen om te gaan. Bij dit laatste is het dan weer van belang om naast de gebruikelijke aandacht voor de nationale rechtsstaat en nationale gemeenschap, voor de toekomst meer dan gebruikelijk aandacht te besteden aan de Europese Unie en de Europese Grondwet (vgl. Eijsbouts 2003). De Onderwijsraad heeft onlangs voorgesteld om in de onderwijswetgeving een algemene doelbepaling op te nemen, waarin een verplichting tot burgerschapsvorming is opgenomen (Onderwijsraad 2003).”


Dit is werkelijk de meest giftige adder die men zich kan voorstellen. Haar gif leidt tot de dood van de individualiteit ( wat betekent: dat wat niet gedeeld kan worden) en splitst het leven op, geheel volgens rationeel-analytisch concept, in verschillende rollen die gespeeld zouden worden in het werelddrama van Het Grote Spel. Als consument ben ik iemand anders dan als werknemer, maar ook weer anders dan als een maatschappelijk betrokken persoon of een politiek actief persoon. Dit is een verdeel en heerstactiek op persoonlijk niveau toegepast, geheel volgens machiavellistisch concept. Het is zo’n bizar idee dat men er bekant een meervoudige persoonlijkheidsstoornis van zou krijgen. Het onderwijs moet dit dus als norm, mijns inziens zonder waarde, over gaan dragen. Het onderwijs heeft hierbij dan de taak om een ieder te leren, geheel volgens gedragswetenschappelijk concept, hoe te handelen in die verschillende rollen. Een ieder te leren welke normen, zonder welke waarde dan ook, bij iedere rol horen. De gedragswetenschap noemt deze methodiek operante conditionering. Men gaat er daarbij van uit dat bij de juiste stimuli van buitenaf (input), uiteindelijk vanzelf het juiste gedrag zal ontstaan (output). Laten we het in modern Nederlandse termen een inburgeringscurus noemen. Een inburgeringscursus voor de Nieuwe Wereld Orde.

De gedragswetenschap gaat er van uit dat de mens slechts van buitenaf opgevoed kan worden. En wie is daar nu beter toe in staat dan de op wetenschappelijke kennis gefundeerde overheid. Voel je hoe de overheid, die tenslotte de inhoud en vormgeving van het onderwijs bepaald, zich hiermee in een wetenschappelijk gelegitimeerde machtspositie plaatst. En wie ben jij dan nog als leek, om daar ook maar iets tegen in te brengen? Men zegt het wel niet met zoveel woorden, maar een kritische blik legt de werkelijke bedoeling er achter snel bloot. Al het wetenschappelijk gefundeerde gezwets is slechts de verpakking voor een enorme leugen. Namelijk dat de overheid en de wetenschap als enige in staat zouden zijn de mens als opvoeder van buitenaf normen en waarden bij te brengen. Zo blijven we eeuwig afhankelijk en vooral onvrij. Een robot en uiteindelijk een cyborg in de maak. Maar het meest opvallend in het bovenstaand citaat is dat in 2003, nota bene twee jaar voor het referendum van 2005, de WRR al bepaald heeft dat de Europese Grondwet tot een norm moet worden verheven die als input in de geesten van scholieren moet worden gestopt. Om daarmee uiteindelijk als output een verantwoorde, maar bovenal willoze en geestloze, Europese burger te laten ontstaan. Geloof je nu nog steeds dat de WRR een onafhankelijk adviserend orgaan voor de regering is, vrij van de politieke waan van de dag? Ze is wel vrij van de invloed van de publieke opinie, daar ze die juist zelf helpt mede vorm te geven.

De leugen regeert.

Het is al vaak en door velen gezegd dat de leugen regeert. Die leugen is een wezenlijk bestanddeel van onze samenleving geworden. Ze is doorgedrongen tot de fundamenten van ons denken en voelen. Dit heeft daardoor veel verwarring veroorzaakt over wie wij als mens zijn. De gehele conditionering van ons denken en voelen is van buitenaf bepaald. Aangezien het onderwijs de basis vormt voor de ontwikkeling van het denken van iedere nieuwe generatie, is het voor bepaalde krachten binnen de samenleving van wezenlijk belang geweest om het onderwijs in haar greep te krijgen. Net zoals zij alle moeite hebben gedaan om zich meester te maken van alle fundamentele levensvoorwaarden van de mens. Zij hebben deze binnen economische afhankelijkheids- en machtsstructuren geplaatst. Uit bovengenoemd rapport van de WRR blijkt dat zij soms heel zinnige dingen kunnen zeggen over wat er speelt binnen de samenleving. Hun oplossingen weten zij ook mooi te verwoorden. Maar het zijn en blijven leugens. Leugens in een mooie verpakking, zoals een wolf in schaapskleren.

Het bijzondere is dat er een groep van mensen is die de wolf in schaapskleren als symbool heeft, de Fabian Society. Deze groep heb ik beschreven in mijn artikel ‘De religie van de Staat’. In dat artikel geef ik weer hoe G. Edward Griffin in zijn voordracht ‘Secret Organizations and Hidden Agendas, The Future Is Calling (Part Two)’ ingaat op het ontstaan van de Fabian Society. Hij beschrijft hoe zij het tot hun tactiek hebben gemaakt om zonder op te vallen in belangrijke maatschappelijke machtscentra te infiltreren, deze over te nemen en volgens hun plannen verder te ontwikkelen. Ook hebben zij zich genesteld in allerlei wetenschappelijke onderwijsinstituten en adviserende instituten. De universiteiten zijn daarom bij uitstek de broedplaatsen voor het kweken van chronische leugenaars, die de mogelijkheid in zich dragen om het ver te schoppen in de wetenschappelijke wereld en hun kennis als macht te gebruiken, dus een politicus te worden.

Een andere op de achtergrond opererende chronische leugenaar, die het in het verborgene werken tot kunst heeft verheven is de stichter van de Illuminati in 1776, Adam Weishaupt. Hij zei:

“The great strength of our order lies in its concealment. Let it never appear in any place in its own name, but always covered by another name and another occupation.”

Ook een wolf in schaapskleren dus. Net als Hitler die het volgende zei:

‘The size of the lie is a definite factor in causing it to be believed, for the vast masses of a nation are in the depths of their hearts more easily deceived than they are consciously and intentionally bad. The primitive simplicity of their minds renders them a more easy prey to a big lie than a small one, for they themselves often tell little lies, but would be ashamed to tell big lies. ‘

Het blijft NEE tegen de Europese Grondwet

Mijn oproep aan het eind van dit artikel is dan ook, om de leugen in en buiten jezelf te ontmaskeren en zo de waarheid te ontdekken. De Europese Grondwet komt voort uit een grote leugen. De leugen dat deze wet bedoelt is voor ons aller heil. Geen enkele aardse wet is bedoelt voor ieders heil, enkel voor het heil van degenen die de wetten maakt. Aardse wetten zijn per definitie gericht op onderwerping, want ze komen voort uit ongelijkwaardige machtsstructuren. De Europese Grondwet is een volgende stap in de richting van een Wereldregering. Zij is er op gericht om van deze aarde één grote marktplaats te maken, Marketplace.com

Er is echter één iets dat op deze marktplaats absoluut niet te verkrijgen is en dat is de onvoorwaardelijke LIEFDE. Die Liefde kent geen grenzen, geen beperkingen, is er voor iedereen, hoeft niet verdient te worden, hoeft niet afbetaald te worden, vraagt geen rente en geeft vooral een helder beeld van de Waarheid.


Wil je ook meester van je eigen leven zijn? http://www.goudenera.nl

Plaats een reactie op dit onderwerp

Je moet ingelogged zijn om een bericht te plaatsen. Je kunt inloggen door hier te klikken.
Als je nog geen lid bent, kun je jezelf hier registreren.


nieuw onderwerp | reageer | nieuwste onderwerpen | actieve onderwerpen | inloggen

9,570,783 views - 117,907 berichten - 9,322 onderwerpen - 6,028 leden
 Gesponsorde links

© indonesiepagina.nl · feedback & contact · 2000 - 2019
Websites in ons netwerk: indahnesia.com · ticketindonesia.info · kamus-online.com · suvono.nl

85,179,284 pageviews Een website van indahnesia.com